Vrijheid van enthousiasme?

foto: S. Vierstra, Londen, 2000

Wat aan ons wordt gepresenteerd als een ‘battle of religions’ is als je beter kijkt een ‘battle of enthusiasms’.
Wat gepresenteerd wordt als het falen van de multiculturele samenleving vindt zijn oorsprong in de rigiditeit van bestaande enthousiaste subculturen, waaromheen onderwijs, werk en bijvoorbeeld ook de media georganiseerd zijn.
We zien immers dat niet iedereen met een andere religie dan het christendom in Nederland bij voorbaat kansloos is. Er zijn genoeg voorbeelden van moslims inmiddels die zich ‘succesvol’ aangepast hebben aan de bestaande structuren.
Deze moslims noemen we geïntegreerd, en in de media worden ze dikwijls als goed voorbeeld aangeduid en toegejuicht.

Religie is dan ook niet het onderliggende probleem wat betreft integratie op de arbeidsmarkt, lijkt het.
Dat wordt duidelijk als we kijken naar de enorme aantallen ‘oorspronkelijke Nederlanders’ die hier helemaal thuishoren, die geen ander thuis hebben, maar die opeens merken dat ze er niet meer bij horen, dat ze alleen staan. Omdat ze het enthousiasme van de werkvloer niet meer delen, niet meer authentiek voelen. Omdat het niet meer wil.
Al snel krijgen deze mensen het label ‘depressief’ en ‘ziek’. En het enthousiaste systeem heeft ook allemaal medische noodverbanden om mensen zo snel mogelijk weer enthousiast te krijgen. Maar wat we nu zien in Nederland, het CBS bracht vorige week* cijfers naar buiten, is dat er in ons land inmiddels zo’n miljoen mensen met depressieve klachten rondlopen, en dat het dringend tijd wordt voor een andere benadering van het probleem, zo lijkt het. Een benadering waarin we depressie niet als een individuele verstoring van stofjes in ons hoofd zien, maar als een indicatie dat er iets erg fout is gegaan in de relatie tussen het individu en het enthousiasme van de maatschappij. (Is het bestaan van de PVV hiervan ook niet een indicatie?) Er zijn gewoon te veel gewone mensen die er ook graag bij willen horen; mensen die voelen dat ze langs de zijlijn zijn komen te staan omdat ze het enthousiasme van het heersende systeem niet meer kunnen mede-delen. Mensen met een burn-out bijvoorbeeld.
Niet alleen vreemdelingen en anders-religieuzen hebben moeite met erbij-horen. Ook hele gewone, tevreden Nederlanders worden buitengesloten, en niet alleen op de arbeidsmarkt. Alleen omdat ze een ander soort enthousiasme hebben, omdat ze het gevoel hebben dat het heersende enthousiasme te weinig aansluit bij wie en wat ze wezenlijk zijn.

We kennen in onze grondwet vrijheid van godsdienst. Maar een miljoen mensen zijn ziek omdat er geen vrijheid van enthousiasme lijkt te zijn.
Iedereen heeft iets gekregen, zijn eigen, persoonlijke enthousiasme. Zijn ethische karakter in ontwikkeling. We maken als maatschappij een grote fout als we mensen aan de poort van een bestaande maatschappelijke structuur gaan selecteren op een houding die dat persoonlijke enthousiasme, dat geschenk, negeert (zoals bijvoorbeeld ook ‘de politiek’ een verplicht enthousiaste subcultuur geworden lijkt te zijn, waar weinig weldenkende individuen – er zijn gelukkig ook uitzonderingen – hun plek nog kunnen vinden). Daardoor sluit je heel veel mensen met frisse ideeën en een andere kijk buiten. Mensen die er helemaal bijhoren, bij de multiculturele samenleving. Of niet?

*Deze post publiceerde ik eerder op 2 februari 2016.
Meer: Hoe goed is de enthousiaste medewerker?

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *