Mindfulness en erfgoed

David_Dewulf_Mindfulness_cover_150px

“Het verleden is niet meer dan een herinnering, de toekomst is maar een gedachte. Daarom is onze intentie respect en aandacht te cultiveren in ieder moment en waakzaam te zijn voor gehechtheid, afkeer en begoocheling.”

Bovenstaand citaat komt uit het boek Mindfulness van David Dewulf, dat ik de afgelopen week gelezen heb. De basis van mindfulness bestaat uit aandacht geven. “Het is aandacht die kleur geeft aan bloemen, smaak aan wijn en gezang aan vogels.” Het is ook aandacht die kleur geeft aan de regenboog natuurlijk. Ik weet zeker dat ik niet de enige ben die meteen vol aandacht is als er een regenboog verschijnt. Mindful zijn betekent in dit geval bijvoorbeeld: je auto stilzetten aan de kant van de weg, aandachtig de regenboog observeren en de kwaliteit van het moment ervaren. En vervolgens een foto nemen voor de Rainbow Explorers natuurlijk.

We hebben uiteindelijk alleen dit moment. De regenboog is daarvoor een mooie metafoor. Een metafoor voor stilhouden, stoppen met denken, een adempauze nemen, observeren wat er is. Een metafoor voor de kwaliteit van het moment. Gratis en onbetaalbaar. Je hoeft de regenboog alleen je tijd en aandacht te geven, en even ben je verlost van je ‘normale’ dagelijkse gewoonten, van het dagelijks lijden.

Lijden hoort bij het leven. Voordat we de regenboog zagen waren we boos op een andere weggebruiker, en leden we aan de gedachten die we daarbij hadden. Maar niet alleen een standpunt gebaseerd op afkeer (haat) is een bron van lijden volgens de wijsheid van mindfulness, ook kunnen we lijden omdat we juist een voorkeur ergens voor hebben (hebzucht), ik noem snoep maar je kunt hier ook denken aan andere verslavingen natuurlijk. Daarnaast kunnen we gehecht zijn aan iets dat in ons dagelijks taalgebruik als ‘neutraal’ bestempeld wordt: de specialistenvisie, de begoocheling. Ook begoocheling zorgt ervoor dat we niet zien wat er is, en ook deze gehechtheid, een fixatie op ‘hoe dingen behoren te zijn’ in plaats van rustig dankbaar zijn voor wat je hebt op dat moment, maakt ons uiteindelijk niet gelukkig.

Gelukkig worden willen we allemaal. Volgens de inzichten van mindfulness lijden we omdat we gehecht zijn aan onze positieve, negatieve en neutrale gewoontereacties. “We ontdekken hoe gewoontereacties van ‘hebzucht, haat en ontkenning’ ons ongelukkig maken.”

Zo nu en dan denk ik na over het lange lijden van prinses Iris, over haar zoektocht naar geluk. Ik heb het verhaal over het prinsesje niet ‘bedacht’, eerder ‘gekregen’, daarom is het voor mij ook een dankbaar onderzoeksobject. Wat betekent het, hoe kun je het lezen, wat is de boodschap?

Uit de theorie over sprookjes die ik gelezen heb, heb ik begrepen dat sprookjes bijvoorbeeld op het niveau van persoonlijke transformatieprocessen gelezen kunnen worden. Ikzelf denk dat Prinses Iris ook het verhaal van het huidige globale transformatieproces vertelt.

De personages in sprookjes zijn vaak archetypisch van aard. Volgens Carl Gustav Jung, grondlegger van de analytische psychologie, verbeelden archetypen universele menselijke thema’s. Archetypen zijn onderdeel van ons collectieve onbewuste, en worden in verschillende culturen uitgedrukt in godsdiensten, volksverhalen, mythen en sprookjes. “Deze archetypen, waarvan het diepste wezen ontoegankelijk is voor de ervaring, vertegenwoordigen de neerslag van het psychische leven van onze voorouders. Dat wil zeggen de door een millioenenvoudige herhaling opeengehoopte en tot typen gecondenseerde ervaringen van het bestaan als zodanig. In deze archetypen zijn alle ervaringen gegeven, die sinds de oertijd op deze planeet zijn voorgekomen.” (C.G. Jung)

Kijkend naar het sprookje door de door Jung aangereikte bril van de archetypen heb ik dikwijls nagedacht over het vreemde stel bedienden van het kasteel: de dikke kokkin, de oude werkster en de tuinman met mos in z’n baard. Ik weet nog dat ze uit mijn pen kwamen. Ik hoefde er niet over na te denken. Ze kwamen ‘natuurlijk’. Wat is het natuurlijke verbond tussen de bedienden, waarom werken zij juist in het kasteel. En vooral: waarom fleuren ZIJ prinses Iris niet een beetje op?

Na het lezen van Mindfulness schoot me een mooie uitleg binnen. Deze bedienden vertegenwoordigen onze archetypische gewoontegedragingen: afkeer (de werkster), voorkeur (de dikke kokkin) en specialistengeest (de tuinman met het mos in z’n baard). Het zijn juist deze gewoontegedragingen die ervoor zorgen dat prinses Iris lange tijd ongelukkig is. Gelukkig voor prinses Iris klopt er een vreemdeling op de oude kasteeldeur. Natuurlijk reageert de werkster in eerste instantie met afkeer, maar uiteindelijk is het deze bediende die verandert (nadat de andere twee het kasteel verlaten hebben). Pas dan kan prinses Iris echt gelukkig worden, aandachtig genieten van de prachtige tuin, zonder voorkeur, afkeer en begoocheling.

Dit is een mogelijke interpretatie. Sprookjes kunnen op verschillende niveaus geanalyseerd worden, kunnen voor een ieder iets anders betekenen, en kunnen ook op verschillende momenten in ons leven andere betekenissen hebben. Maar deze interpretatie wilde ik jullie niet onthouden.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *